Wat er kan gebeuren na een opname op de intensive care en wat er aan te doen valt
Een delier of delirium is een acute verwardheid die gepaard gaat met stoornissen in aandacht, bewustzijn en denken. Het ontstaat snel, vaak binnen uren tot dagen, en kan sterk wisselen over de dag. Een delier kan voorkomen op alle afdelingen van het ziekenhuis en is op de Intensive Care (IC) één van de meest voorkomende, maar ook meest onderschatte complicaties.
Misschien herken je het bij jezelf of bij een naaste: vreemde beelden gezien, stemmen gehoord, gedacht dat de verpleging je iets aandeed. Dat zijn geen tekenen van ‘gekte’, maar van een delier. En die ervaringen kunnen, lang nadat je het ziekenhuis hebt verlaten, een blijvende indruk achterlaten.
Uitlegvideo delier:
Kenmerkend voor een IC-delier zijn:
Veel mensen denken dat een delier voorbij is zodra de verwardheid verdwijnt. Maar voor een deel van de mensen begint thuis pas de volgende fase: de psychische naweeën.
van de IC-patiënten krijgt een delier
heeft PTSS-symptomen na 2 maanden
heeft PTSS-symptomen na 6 maanden
(Svenningsen et al., 2015)
Deze cijfers lijken het verband tussen een delier en latere psychische klachten te ontkrachten. Maar ze vertellen niet het hele verhaal. Want wat blijkt: niet het delier zelf, maar de herinnering aan de hallucinaties en wanen hangt sterk samen met angstklachten achteraf. Mensen die tijdens hun delier bedreigende ervaringen meemaakten (zoals: achtervolgd worden, levend begraven liggen, experimenten ondergaan) kunnen daar soms jarenlang last van houden in de vorm van herbelevingen, nachtmerries en angst.
Normaal gesproken helpt het geheugen ons om een logisch verhaal te maken van wat er is gebeurd. Maar bij een ernstig delier ontbreken de feitelijke herinneringen, terwijl de emotionele brokstukken (de angst, de beelden, het gevoel van dreiging) wel zijn opgeslagen. Het brein probeert orde te scheppen in die chaos, en de hallucinatoire ervaringen kunnen die leegte opvullen. Dat maakt de verwerking achteraf bijzonder moeilijk.
Wat ook opvalt: mensen die minder feitelijke herinneringen hebben aan de IC-opname door het delier, zijn juist kwetsbaarder voor traumaklachten. Zonder een coherent verhaal van wat er echt is gebeurd, kunnen de angst en de beelden blijven terugkomen, zonder dat je begrijpt waar ze vandaan komen.
Een delier leidt niet automatisch tot psychische klachten. Maar wanneer bepaalde factoren aanwezig zijn, is de kans op PTSS-klachten achteraf aanzienlijk groter:
(Thoma et al., 2026; Bolton et al., 2019)
Een belangrijk inzicht: het is niet de diagnose delier op zichzelf die bepaalt of iemand klachten krijgt, maar de subjectieve beleving ervan. Een patiënt die de verwardheid als neutraal of zelfs vaag heeft ervaren, heeft veel minder kans op latere klachten dan iemand die intense angst en bedreiging heeft doorgemaakt.

Als je na een IC-opname last hebt van nachtmerries, herbelevingen, angst of slaapproblemen, dan ben je niet alleen. En er is steeds meer bekend over wat kan helpen.
Voor PTSS zijn twee behandelingen het best onderbouwd door onderzoek: traumagerichte cognitieve gedragstherapie (TF-CGT) en EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing). Uit grote wetenschappelijke overzichten blijkt dat juist deze behandelingen, ook op de langere termijn, aantoonbaar effect hebben.
(Shapiro, 2018; Van den Berg & Van der Gaag, 2012)
Hier schuilt iets bijzonders. Want bij mensen die een delier hebben doorgemaakt, is de traumatische ‘herinnering’ vaak geen feitelijke gebeurtenis, maar een waan of hallucinatie die als volkomen echt werd ervaren. Telt dat dan ook als trauma?
Ja. En het kan ook zo behandeld worden.
Lange tijd dachten clinici dat traumagerichte therapie te risicovol was bij mensen met psychotische ervaringen. Maar onderzoek laat zien dat EMDR veilig en effectief ingezet kan worden, ook wanneer de beleving die wordt bewerkt een waan of hallucinatie was. (Van den Berg & Van der Gaag, 2012)
Het principe is dit: het gaat er niet om of de ervaring objectief echt was. Het gaat om de emotionele werkelijkheid van de patiënt. Wanneer jij die beelden als echt hebt beleefd, heeft je brein ze ook als echt opgeslagen. Ze kunnen op dezelfde manier worden verwerkt als elk ander trauma.
Het ‘voor waar aannemen’ van delirante belevingen in therapie is geen concessie aan de werkelijkheid. Het is erkenning van de emotionele ervaring en precies dat maakt verwerking mogelijk.

Of je nu zelf een IC-opname hebt meegemaakt, of een naaste, er zijn stappen die kunnen helpen:
Een delier is meer dan een tijdelijke verwardheid. Voor een deel van de mensen werkt het nog maanden na ontslag door in de vorm van angst, herbelevingen en slaapproblemen die moeilijk te plaatsen zijn. Dat is begrijpelijk, gezien wat er in het brein heeft plaatsgevonden.
Het goede nieuws: je hoeft er niet mee te blijven rondlopen. Er zijn behandelingen die werken, ook voor dit soort klachten. De eerste stap is herkennen dat wat je ervaart een naam heeft en dat hulp mogelijk is.
➤ Lees meer over de mogelijkheden voor psychische ondersteuning bij klachten na een delier of anderszins mentale klachten na ziekte, ziekenhuis- en/of IC-opname op: https://praktijkverlicht.nl/tarieven/
Of neem direct contact op
Wat is een delier precies?
Een delier is een plotselinge, acute verwardheid vaak veroorzaakt door een lichamelijke aandoening zoals een ziekte, een infectie, medicatie of uitdroging. Kenmerkend is een wisselend bewustzijn, concentratieproblemen, angstklachten en soms hallucinaties. Een delier is acuut en meestal tijdelijk. Door behandeling van de lichamelijke oorzaak verdwijnt het delier doorgaans weer. Op de IC is een delier een veelvoorkomende complicatie door de ernst van de ziekte en intensieve behandeling.
Hoe lang duurt een delier?
De duur van een delier verschilt per persoon en per situatie. In de meeste gevallen duurt het enkele dagen tot een week. Bij oudere patiënten of mensen met een onderliggende aandoening kan het langer aanhouden. Belangrijk om te weten: ook al verdwijnt de acute verwardheid, de impact van een delier kan groot zijn en leiden tot angstklachten of herbelevingen.
Wat zijn de kenmerken van een delier?
Bij een delier ontstaat ineens verwardheid, het gedrag van de ander herken je niet meer. Kenmerken van een delier zijn:
Hoe ontstaat een delier?
Een delier ontstaat door een combinatie van factoren: de ernst van de onderliggende zeiekte, het gebruik van bepaald medicatie en pijnstillers, slaaptekort, immobiliteit en de stressvolle omgeving (IC, ziekenhuis, verpleeghuis etc). Ook eerdere cognitieve of psychische problemen kunnen een rol spelen. Er is vaak niet 1 oorzaak, maar er zijn meerdere factoren die kunnen leiden tot het ontstaan van een delier.
Wat is de prognose na een delier?
Een delier kan volledig herstellen. De prognose van een delier hangt af van de ernst, de duur en de individuele situatie van de patiënt. Veel mensen herstellen volledig, maar een deel houdt er cognitieve of psychische klachten aan over. Onderzoek laat zien dat tijdige psychologische begeleiding het herstel na delier aanzienlijk kan versnellen.
Wat is het verschil tussen een delier en dementie?
Het verschil tussen een delier en dementie zit vooral in het verloop en de oorzaak. Een delier ontstaat plotseling (binnen uren tot dagen) en fluctueert gedurende de dag. Dementie ontwikkelt zich geleidelijk over maanden tot jaren. Een delier heeft altijd een aanwijsbare lichamelijke oorzaak en is in principe omkeerbaar. Bij dementie is er sprake van onomkeerbare achteruitgang van hersenfuncties.
Beide kunnen tegelijkertijd voorkomen: mensen met dementie hebben een verhoogd risico op het krijgen van een delier.
Bolton, C., Thilges, S., Lane, C., Lowe, J., & Mumby, P. (2019). Post-traumatic stress disorder following acute delirium. Journal of Clinical Psychology in Medical Settings, 28(1), 31–39. https://doi.org/10.1007/s10880-019-09689-1
Shapiro, F. (2018). Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR) Therapy: Basic Principles, Protocols, and Procedures (3rd ed.). Guilford Press.
Svenningsen, H., Egerod, I., Christensen, D., Tønnesen, E. K., Frydenberg, M., & Videbech, P. (2015). Symptoms of posttraumatic stress after intensive care delirium. BioMed Research International, 2015, 1–9. https://doi.org/10.1155/2015/876947
Thoma, M. V., Chantraine, E., Köllner, V., & Schlögl, M. (2026). From delirium to posttraumatic stress disorder: A systematic review. Journal of Psychiatric Research, 196, 142–170. https://doi.org/10.1016/j.jpsychires.2026.02.021
Van den Berg, D. P. G., & Van der Gaag, M. (2012). Treating trauma in psychosis with EMDR: A pilot study. Journal of Behavior Therapy and Experimental Psychiatry, 43(1), 664–671.
Ward-Brown, J., et al. (2022). The EMDR Recent Traumatic Episode Protocol with an intensive care survivor: A case study. Journal of EMDR Practice and Research, 16(2).